Kaapdiegoeiekoop

Deel 3 in de oer-opera trilogie, over gewin boven moraal, het VOC en nú

Na een schipbreuk wordt een olietanker op de kust van een onbewoond eiland gesmeten waar de kapitein, de enige overlevende en misschien wel de enige opvarende, besmeurd met olie aanspoelt. Het schip, gevuld met smerige, giftige, vervuilde olie – verboden in Europa, bestemd voor de Afrikaanse markt – is vergaan omdat, uit kostenbesparing, de regels en voorschriften niet gevolgd zijn.

Zoals het oude VOC-gezegde luidt: ‘Den cost gaet voor den baet uyt’ geldt hier: Winstbejag staat boven de moraal. Deze scheepsramp, dit schandaal, is geboren uit hebzucht. Het is de erfenis van de Gouden Eeuw.

Op het eiland wordt de kapitein bezocht door zijn demonen, zijn geliefden, hallucinaties en zinsbegoochelingen, getuigen en medeplichtigen. Door CEO Mr. Shell, door de Minister van Handel, door De Verzekeraar, De Milieu-activist, De ‘Inboorling’, De Wegkijker, De Autorijder, et cetera.

Murw gebeukt door zijn ervaringen en zijn eigen getuigenis, staat de kapitein voor de vraag of hij nog wel gered wil worden, of dat hij niet net als de weglekkende, vervuilde, stinkende olie beter in de golven kan verdwijnen.

Kaapdegoeiekoop wordt gesproken, gerapt, gezongen in een moderne variant van het Zeventiende-eeuwse Nederlands, als poging de Gouden Eeuw in de taal van Vondel, Hooft en Bredero te vatten voor een modern publiek.

Kaapdegoeiekoop is het derde en laatste deel van de oeropera-trilogie ‘Eilanden’ die Jibbe Willems voor Silbersee schrijft en die ontwikkeld wordt in samenwerking met Oerol. Het eerste deel, Dijkdrift, en het tweede deel Aardappelvreters waren te zien op de festivals Oerol en Karavaan.

Kaapdegoeiekoop is een co-productie van Silbersee, Gouden Haas en NKK NXT. 

Bowie Verschuuren