In gesprek met de winnaar van de Nederlandse Muziekprijs

‘Ik heb liever dat ze het afschuwelijk vinden dan dat het ze koud laat. Dan gebeurt er tenminste iets!’

Al ruim een jaar weet trombonist Sebastiaan Kemner dat hij de Nederlandse Muziekprijs heeft gewonnen. Lang moest hij het nieuws stilhouden en tot twee keer toe werd de uitreiking door coronamaatregelen uitgesteld, maar inmiddels is ‘the word out!’ en maakt Kemner zich klaar voor een feestelijk concert op zaterdag 12 juni in De Doelen Rotterdam, in samenwerking met het platform voor hedendaagse muziek Lonelinoise, het Residentieorkest en Silbersee! 
De Nederlandse Muziekprijs is de hoogste onderscheiding die het Fonds Podiumkunsten, namens de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, toekent aan jonge getalenteerde musici en is gekoppeld aan een studietraject waarbij de persoonlijke muzikale ontwikkeling centraal staat. We spraken Sebastiaan tijdens de voorbereidingen voor het concert over zijn muzikale loopbaan, zijn drive om de kloof tussen moderne muziek en het publiek te overbruggen en over de klankkleur van de trombone
.

Het is voor een kind misschien geen gebruikelijke keuze, maar Sebastiaan Kemner kwam al vroeg in aanraking met muziek en vond in de trombone, dat glimmende ding met die grote schuiven en een harde warme klank, zijn instrument.  

‘Mijn muzikale carrière heeft zich voor een trombonespeler enigszins atypisch ontwikkeld. Ik kom niet uit de harmonie-fanfare hoek; Mijn vader is meer van de jazz, mijn moeder van de klassieke muziek en ik ben zelf “gewoon” naar de muziekschool geweest, heb in jeugdorkesten gespeeld en ben uiteindelijk op het conservatorium beland. Dat klinkt saai, maar zo is het gegaan. De trombone past bij mij, is groot en aanwezig maar vooral aangenaam van klank. Je hoeft er bovendien niet zo’n fijne motoriek voor te hebben en dat is voor mij wel prettig.’

In het juryrapport wordt Sebastiaan een charismatische multimusicus genoemd. ‘Via Kemner wordt de trombone een fontein van kleuren, een instrument met verschillende gezichten. (…) Maar hij is meer dan een trombonist. Hij is ook een verteller, met een breed palet aan ‘talen’ – soms lyrisch, soms ronduit brutaal. Of het om Monteverdi, Gabrieli, Berio, of Messiaen gaat, hij spreekt telkens het specifieke muzikale dialect dat past bij deze werken en brengt de muziek op een zeer aansprekende wijze naar zijn toehoorders.’ 
Als je hem vraagt hoe deze unieke stem binnen het muzikale veld zich gedurende de afgelopen jaren heeft gevormd, is Sebastiaan bescheiden.

‘Ik wil niet zeggen dat ik heel anders ben of denk dan anderen maar ik vind het wel heel leuk om kanten van de trombone te laten horen die mensen nog niet zo goed kennen. Mensen associëren het instrument vaak met de fanfare of met carnaval. Dat is zeker ook een kant van de trombone, maar er is nog zoveel meer. Ik vind vooral het zangerige en intieme de moeite waard en vind het leuk om dat aan mensen te laten horen. Voor mij is het dan ook volstrekt logisch om tijdens de uitreiking van deze prijs met zangers samen te werken en ik vind het heel leuk om daarin met Silbersee op te trekken. Ik wil een publiek laten zien dat samenklank van stemmen en trombone ook heel intiem kan zijn.’

Tijdens het concert zullen de zangers een belangrijke bijdrage leveren aan de uitvoering van een aantal stukken van de Middeleeuwse Hildegard von Bingen, in transcriptie van Nicholas Moroz, en aan een volledig nieuw te schrijven stuk door deze zelfde componist. Op de vraag wanneer de synergie tussen de zangers en de trombonist in uitvoering geslaagd is, zegt hij het volgende:

‘Ik vind het nu vooral spannend dat het stuk nog niet af is, dus het hangt er nog een beetje vanaf hoe de noten er straks uit komen. Maar wat mij mooi lijkt is als het echt lukt om ons te laten samensmelten. Verschillende stemmen kunnen heel goed mengen tot een geheel, kijk maar naar een koor, maar een trombone past daar eigenlijk ook heel mooi bij. Als je luistert naar Renaissance muziek, zoals van Gabrieli of Monteverdi, werden stemmen en trombone al heel vaak bij elkaar gebruikt en komt het als een volstrekt logisch geheel samen. Tijdens de Romantiek is die combinatie veel minder vaak opgezocht en zijn beide partijen uit elkaar gegroeid. Een trombone deed toen vaak alleen nog mee als het heel hard moest zijn. Ik vind het mooi om die intimiteit nu weer op te kunnen zoeken. Voor mij is het concert dan ook geslaagd als we tot elkaar kunnen komen en onze klanken vermengen. Ik ervaar daarin het plezier om met Silberseese zangers te werken, maar hoop natuurlijk dat dat gevoel straks wederzijds is.’

Als je opnames van Sebastiaan opzoekt op YouTube of op zijn eigen website, zul je ontdekken dat hij in zijn muzikale makerschap het experiment niet schuwt. Net als Silbersee is Sebastiaan altijd op zoek naar manieren om de eigen discipline te doorbreken en middels verrassende samenwerkingen het moderne muziekgenre nieuw leven in te blazen en de ongewisse paden te betreden. Maar is er wel eens sprake van angst dat zijn muzikale vertalingen niet begrepen worden bij het grotere publiek?

‘Angst is misschien niet het goede woord en ‘begrijpen’ is binnen de muziek ook een moeilijke term. Ik ervaar het niet als falen als een stuk bij de luisteraar anders overkomt dan misschien bedoeld is, maar ik zie het wel als een missie om de kloof te overbruggen tussen het publiek en de moderne muziek. Er wordt mijns inziens nog te vaak gewezen naar de componist.  Zo van: ‘die moet er maar iets begrijpelijks van maken!’ Of naar het publiek: ‘als je dit niet snapt ben je dom en kortzichtig!’ Dat is echt niet productief. Ik denk dat wij daar als musici tussenin staan en veel kunnen betekenen in waardeoverdracht. Natuurlijk verwacht of hoop ik daarbij wel dat een publiek zich open stelt voor iets nieuws. Want als dat niet gebeurt, is het ook hopeloos. Maar als ik vind dat ik een goed verhaal te vertellen heb, ben ik niet bang dat mensen het niet begrijpen. En als het vervolgens tegenvalt, dan vind ik dat ergens ook wel leuk. Ik heb liever dat ze het afschuwelijk vinden dan dat het ze koud laat. Dan gebeurt er tenminste iets. Voor mij ligt ook daar de match met Silbersee.’

Nog niet eerder zag Sebastiaan live een productie van Silbersee, maar hij hoorde een vertolking van een stuk van Kyriakides tijdens de ZaterdagMatinee op de radio, kent inmiddels alle filmpjes van de website en kijkt nu uit naar de eerste muzikale kennismaking op het podium van de Doelen. Wat doet zo’n grote prijs eigenlijk met een muzikant? Is de toekenning van waarde voor de toekomst van Kemner?

‘De prijs is onderdeel van een studietraject en ik vond die leerschool al heel bijzonder om mee te mogen maken. Ik heb de vrijheid ervaren om mijn plannen voor te leggen en werd vervolgens op financieel en op productioneel niveau verder geholpen. Daarnaast kreeg ik sopraan Claron McFadden als coach toegewezen. Veel van dit traject ging dan ook over zang. Ik heb de afgelopen tijd veel liedrepertoire gespeeld met pianist Andrea Vasi. Samen hebben we onderzocht hoe je alle kleuren van de trombone kunt laten horen. Veel trombonisten zeggen: ‘je hebt 1 geluid en dat is je beste geluid, dat zou je voor altijd moeten maken. Geen enkele zanger denkt zo. Dat was voor mij wel een eyeopener. Het traject is voor mij dan ook de mooiste prijs en de Nederlandse Muziekprijs uiteindelijk de bekroning. 

En hoe die toekomst er voor Sebastiaan nu uit ziet ligt grotendeels nog open. Hij volgt momenteel (mede gefinancierd door de muziekprijs) een PhD programma aan de universiteit van Oxford om zich ook op muziekwetenschappelijk niveau te verdiepen én richtte onlangs samen met twee anderen het platform ‘Lonelinoise’ op, waar de volledige focus op moderne muziek ligt, vrij in vorm, van concerten tot experimenten, van boeken tot artikelen. Daarnaast heeft hij schriften vol ideeën en genoeg plannen om ook na het concert van 12 juni nog meer samenwerkingen op te zoeken.

‘Volgens mij wordt het een supermooi programma dat uiteenloopt van Hildegards stukken tot aan noten die nog niet af zijn. Qua thematiek vormen alle werken een geheel en dat vind ik heel belangrijk. Hildegard schreef over de sterren en de hemelen en de oneindigheid van het universum. De moderne composities die we doen gaan over precies diezelfde onderwerpen. Ik vind het belangrijk om connecties te leggen en de uitwisseling met gelijkgestemden vind ik het allerleukst. 

Ik vind het belangrijk om te benadrukken dat wat we nu maken echt niet zo eng is. We hebben een verhaal te vertellen en ook de opstelling is heel bijzonder; Alles is in het rond opgebouwd en gaat muzikaal over de grenzen van het universum. Volgens mij wordt het heel spannend. Als je die absurde weidsheid van Hildegard hoort, zul je dat ook in de moderne muziek gaan herkennen en ontdekken. Misschien klink ik nu te vaag, maar de liefhebbers zijn waarschijnlijk wel wat gewend. Wat dat betreft voel ik me al helemaal thuis en vind ik het een eer dat Silbersee meedoet. Ik hoop in de toekomst nog meer samen te mogen werken om ook de theatrale kant, die Silbersee zo eigen is, te ontdekken!’

De uitreiking vindt plaats gedurende het (online) concert in de Doelen op zaterdag 12 juni om 20:15 uur door demissionair minister van OCW Ingrid van Engelshoven. Er zijn een beperkt aantal kaarten te verkrijgen via de website van de Doelen. Het concert wordt op zondag 13 juni uitgezonden via NPO Radio 4. De opname is vanaf 20:00 uur te horen in het Avondconcert, de video zal gelijktijdig worden gestreamd via Radio4.nl

Klik hier voor het uitgebreide programma

Credits:
Residentie Orkest Den Haag | Ed Spanjaard dirigent | Sebastiaan Kemner trombone | Silbersee Jennifer van der Hart, Elisabeth Hetherington, Fanny Alofs, Elsbeth Gerritsen| Lonelinoise  | Rinnat Moriah sopraan

Fotografie: Fleur Bijleveld
Tekst: Imke van Herk