→ 2027

Het decor in twee koffers

Een gesprek met Sophie Pfaff

In december 2021 nemen we afscheid van onze collega Sophie Pfaff, die met haar gezin terug naar Duitsland verhuist. Naar aanleiding van haar vertrek bevragen we haar over de werkzaamheden die ze de afgelopen tijd heeft verricht als Kwartiermaker Circulariteit & Inclusie.

Wie is Sophie Pfaff?
Ik kom oorspronkelijk uit Duistsland en ben afgestudeerd als cultuurwetenschapper. Vijf jaar geleden ben ik bij Silbersee komen werken. Ik had mijn proefschrift ingediend en zag toen de vacature. Ik kende het gezelschap niet; ik had tot dan toe vooral in de danswereld gewerkt. Maar de filmpjes van Silbersee die ik online zag, intrigeerden me. Ik voelde meteen een connectie, ook tijdens de gesprekken.

Hoe werd je dan Kwartiermaker Circulariteit & Inclusie
Toen we in 2019 het nieuwe beleidsplan aan het schrijven waren hebben we onze maatschappelijke ambities opnieuw geformuleerd. We wilden meer maatschappelijke verantwoordelijkheid nemen. Dat ging in de eerste plaats over de inclusiviteit van onze voorstellingen en de respectvolle omgang met elkaar. Maar niet minder belangrijk vonden we het respect voor de planeet. We gingen kijken waar we stonden op het gebied van duurzaamheid. Hoe komen onze producties tot stand? Voor hoeveel uitstoot zijn wij eigenlijk verantwoordelijk? In hoeverre belanden de door ons gebruikte materialen in de afvalcontainer of komen die in een kringloop van grondstoffen terecht? En wat zijn de knoppen waaraan we kunnen draaien?

Nieuwe functie
Er werd een nieuwe medewerker voor dit onderwerp opgenomen in de begroting, maar toen we niet het volledige bedrag kregen, gingen we de organisatie herstructureren en de takenpakketten anders invullen. Bovendien kwam er door de lockdown van 2020 veel ruimte voor reflectie. Ik herinner me veel boeiende gesprekken met de collega’s over de maatschappelijke onderwerpen en de rol van kunst daarin. Romain [Bischoff] voelde dat die thema’s ook urgent voor mij waren, en toen werd het dus een onderdeel van mijn functie. Hij gaf me ook de kans om aan de slag te gaan in de ‘Omdenkcrew’.

Hoe heb je het aangepakt?
De deelname aan de ‘Omdenkcrew’ heeft me erg geïnspireerd. We gingen met zes mensen uit de sector nadenken over radicaal nieuwe manieren van produceren: zero footprint en echt inclusief. Het was heerlijk om helemaal los te gaan en in alle vrijheid te kunnen nadenken over de podiumkunsten van de toekomst. Er kwamen heel veel onderwerpen aan bod: de klimaatcrisis, het antropoceen, de balans tussen de mens en de omgeving, de fascinatie voor de natuur. We merkten ook dat heel veel mensen met deze thema’s bezig zijn. Die energie heb ik meegenomen naar mijn nieuwe taak bij Silbersee. Ik wilde iedereen ermee aansteken.

Wat heb je voor elkaar gekregen?
De bewustwording in het team was de eerste stap. Waar staat ieder teamlid als individu op dit gebied. Dat begon bij Romain, die als boerenzoon van bij het begin van Silbersee een inclusieve beweging heeft gemaakt en vond dat opera iedereen kon raken, zonder voorkennis. Het was mooi om te ontdekken wat we als organisatie al deden.

Decor in een koffer
We hebben het ook een beetje aangepakt zoals het instant composing van onze producties: veel gebeurt gewoon op de vloer. We zijn dingen gaan uitproberen. Bij Stille Nacht in 2020 hebben we in een gesprek met de technici vastgesteld dat de posten die voor de grootste uitstoot zorgen het decor en het transport zijn. We besloten om deze keer niet met een vrachtwagen door het land te reizen maar een decor te ontwerpen dat in een koffer paste en met de trein vervoerd kon worden. Het werd iets met opblaasbare, lichtgevende ballonnen. Ze maakten indruk op het podium, maar pasten wel in een koffer, nou ja, het werden uiteindelijk twee zware koffers. Voor de uitvoerend technicus was het geen pretje om lange dagen te maken en dan ook nog ’s avonds laat naar huis te moeten reizen met de trein. Toen hebben we met één auto een zo efficiënt mogelijk transportschema opgesteld. Dat was de fase van gewoon doén.

Nulmeting
Maar ook het onderzoek ging door, ik ben nu eenmaal wetenschapper. De eerste vraag is dan: Waar staan we nu? Ik zag dat ze in het Verenigd Koninkrijk al veel verder zijn in de ontwikkeling van tools waarmee culturele instellingen hun ecologische voetprint kunnen meten. Maar deze tools zijn specifiek op de Engelse context gericht, waar gezelschappen veel meer vastgekoppeld zijn aan huizen. Het paste dus niet helemaal bij de Nederlandse situatie. En om zelf zo’n tool te ontwikkelen zijn we te klein. Toen kwam ik bij Bureau 8080 terecht. Samen met hen hebben we een nulmeting gedaan. We namen de voorstelling Hans en Griet (7+), als uitgangspunt en scanden die op alle onderdelen, van productie en repetitie tot tournee en educatie. Er waren telkens twee vragen: wat is de milieu-impact van deze activiteit op het gebied van CO2-uitstoot en grondstoffen? En hoeveel invloed hebben wij op de verduurzaming ervan?

Duurzaamheidsprogramma
Op de basis van de resultaten van deze meting hadden we een reeks inspirerende gesprekken en werksessies met het team, waarbij ook het bestuur betrokken is geweest. Een belangrijk resultaat daarvan is de formulering van een duidelijke ambitie:

 “De ambitie van Silbersee is om in zes jaar tijd (2021 – 2027) circulariteit te implementeren in de volledige bedrijfsvoering. Silbersee wil een klimaatpositief productiehuis zijn, dat netto geen negatief effect heeft op milieu en grondstoffenvoorraden, en een positieve impact op de samenleving.”

Samen met Bureau 8080 zijn we op dit moment een op maat gemaakt duurzaamheidsprogramma aan het ontwikkelen. Dat wordt in december opgeleverd. Dan hebben we een gereedschapskist waarmee we aan de slag kunnen gaan.


Foto: Jostijn Ligtvoet

De stem
Een ander belangrijk nieuw initiatief, op het gebied van inclusie, is het project It All Starts With Your Voice, maar dat ligt eerder bij Imke Muriël van Herk, mijn collega van Marketing & Communicatie. Het gaat erom dat we als instelling die uitgaat van de stem, in al haar vormen en facetten, ook rekening willen houden met de stemmen van anderen. We willen niet alleen maar zenden, we willen ook luisteren. Volgend jaar lanceren we een tool waar mensen hun stem kunnen achterlaten, in de vorm van een audio-opname, een tekst, een tekening….

Een andere collega, Jimmy-Pierre de Graaf is bezig met een onderzoek naar duurzaam internationaal samenwerken en toeren. Dat doen we samen met de gezelschappen van Ulrike Quade en Nicole Beutler, én met masterstudenten van de Universiteit Utrecht.

Manifest
Maar de ultieme uitwerking van onze duurzaamheidsambities zal natuurlijk in ons artistieke werk te zien zijn. We werken aan een manifest dat aan de basis zal liggen van alle nieuwe projecten, en waaraan alle makers zich zullen committeren.

Want uiteindelijke willen we natuurlijk kunst maken, daar ligt onze drijfveer. Helemaal niks doen zorgt natuurlijk voor de minste uitstoot, maar dat is geen optie. Kunst kan de wereld helpen om een nieuwe toekomst te verbeelden, daar ligt onze grootste impact.

Waar liep je tegenaan?
De grote productiedruk die voortkomt uit ons subsidiesysteem maakt het soms moeilijk om de ruimte te creëren voor dit soort ontwikkelingen. De nadruk ligt te veel  op output en publieksbereik. Dat geldt ook voor de verplichting tot het geografisch spreiden van je activiteiten. Dat toeren door Nederland is natuurlijk niet per se goed voor de voetafdruk.

Dit is een onderwerp dat we samen met de Raad voor Cultuur, de fondsen en de programmeurs willen oppakken. We moeten meer samenwerken en kennis delen. Alleen lukt het ons niet.

Wat is klimaatpositief produceren eigenlijk?
De naamgeving is soms complex: zero footprint, klimaatneutraal, klimaatpositief….

Klimaatneutraal werken is een eerste doel, een begin. We hebben ontdekt dat we onze uitstoot van Hans en Griet voor 200 à 300 euro kunnen compenseren. Dan kun je op papier zeggen dat je klimaatneutraal werkt. Maar dat is niet wat we willen; we willen verder gaan. Dat betekent dat we sowieso onze eigen uitstoot duidelijk gaan reduceren, voordat compensatie überhaupt in beeld komt.

Internationaal heeft met het steeds meer over net zero. Dan gaat het erom dat je, om de globale balans te herstellen, ook actief CO2 uit de atmosfeer moet halen. In Nederland zijn veel veenweidegebieden waar je door het verhogen van het waterpeil de uitstoot van schadelijke gassen substantieel kunt opslaan. Dat is een project dichtbij dat lokaal wordt opgezet, in een korte keten. Daarin willen we participeren.

Het idee van iets teruggeven aan de aarde komt geregeld op tafel bij Silbersee. Daarom hebben we voor de term klimaatpositief gekozen. We willen bijdragen aan het herstellen van het evenwicht tussen mens en planeet.

Wat staat je opvolger nu te doen?
Nu komt echt de fase van de uitvoering. We hebben veel nagedacht en de ambities geformuleerd. Nu moeten we de woorden in daden omzetten. Dat begint bij de artistieke planning. Daar zal de duurzaamheidsmanager moeten meekijken en vaststellen waar de uitdagingen en de kansen liggen. Dat is nu ook al structureel onderdeel van onze werkwijze. Iedereen is daarbij betrokken: de producenten, de zakelijk leider, de collega’s van marketing, verkoop etc.

En er moet gekeken worden welke samenwerkingen we kunnen aangaan, ook bij coproducties zal mijn opvolger vanaf de conceptfase betrokken zijn. Daarna monitort hij of zij het proces tijdens de productiefase en na afloop wordt er natuurlijk geëvalueerd.

Verder onderzoek zal ook nodig zijn. We moeten open blijven staan voor nieuwe ideeën en ontwikkelingen op dit gebied. Het leuke is dat het team supergemotiveerd is. Iedereen wil meewerken. We zijn niet bang voor de artistieke consequenties.

Wat zul je missen?
Ik vind het jammer om op dit moment weg te gaan; ik was liever nog even gebleven. Maar ik had de timing niet in eigen handen. Ik kan me ook voorstellen dat het na mijn vertrek een andere richting uitgaat, dat andere accenten gelegd worden. Daar ben ik niet bang voor. Misschien komt er iemand die activistischer is dan ik. Er is absoluut ruimte om de functie zelf in te richten. Er moeten belangrijke keuzes gemaakt worden. Ik hoop vanuit Duitsland wel verbonden te kunnen blijven. Ik hoop dat we op een andere manier nog kunnen samenwerken.


Tekst: Jan Van den Bossche